Klokkenmakerskunst – altijd weer bij de tijd.

Al eeuwenlang is Zwitserland wereldberoemd om zijn klokken. Dat was niet altijd zo: toen in de 14e eeuw de mechanische tijdmeting begon, liep Zwitserland nog achter de feiten aan.

Inhoud delen

Bedankt voor uw waardering
Pas toen de hugenootse vluchtelingen in de tweede helft van de 16e eeuw de fabricage van draagbare uurwerken naar Genève brachten, begon de horlogefabricage zich ook in Zwitserland uit te breiden. In die jaren bloeide in Genève, de stad van Calvijn, de economie op.

Alternatief voor sieraden

Een van de lokale bedrijfstakken met de rijkste tradities was tot die tijd de goudsmederij. Onder de strenge reformator Calvijn, die elke tentoonspreiding van rijkdom afwees, werd het dragen van sieraden verboden. Zo zagen de goudsmeden zich gedwongen, andere toepassingen voor hun kunstnijverheid te zoeken – en ontdekten ze daarbij de horlogefabricage. Op die manier ontstond een nieuwe kunde en ontstonden uurwerken die tot in de Oriënt en naar de Amerikaanse kolonies geëxporteerd werden.

Uitbreiding in heel Zwitserland

In het begin concentreerde de uurwerkproductie en innovatie zich vooral op Genève. Al snel breidde de horlogefabricage zich over de Juraketen uit naar andere regio's. In Neuchâtel wijdden zich sinds de 17e eeuw hele families aan de horlogefabricage. De productie van zakhorloges en beroepswerktuigen was aanzienlijk. Vanaf de 18e eeuw kwamen de Neuchâtelse slingerklokken erbij, die enkele decennia lang concurreerden met de producten uit Parijs. In het midden van de 19e eeuw beleefde de horlogefabricage een belangrijke uitbreiding in de kantons Solothurn en Bern. Rond 1890 kwam de helft van de geëxporteerde klokken en uurwerken uit Saint-Imier in de Bernse Jura, uit de Freiberge, uit Ajoie en uit Biel. Aan het einde van die eeuw kwamen daar naast de Juraboog ook Schaffhausen en Bazel nog als andere klokkenmakersgebieden bij.

Het opklimmen tot uurwerkstaat

In de 19e eeuw werd de Zwitserse uurwerkindustrie steeds succesvoller. In het midden van de eeuw waren de Engelsen ingehaald en was Zwitserland tot de belangrijkste uurwerkfabrikanten ter wereld opgeklommen. De eerste echte concurrenten van de Zwitsers doken op in de tweede helft van de 19e eeuw, toen de Amerikaanse uurwerkproducenten begonnen om de uurwerkcomponenten massaal te produceren. Deze delen waren zo precies, dat ze voor de meest uiteenlopende modellen gebruikt konden worden. De gevolgen voor de Zwitserse uurwerkindustrie waren rampzalig: binnen 10 jaar kromp de export van Zwitserse uurwerken naar de USA met 75%. Dat was een harde slag voor de Zwitserse uurwerkproducenten, die met een industriële, fijnmechanische vervaardiging van de onderdelen op de veranderde marktsituatie reageerden.

Innovaties

Aan het begin van de 20ste eeuw rustten de Zwitserse uurwerkmakers hun uurwerken met extra functiesuit, zoals een kalender of een stopwatch. De concurrentiepositie van de Zwitserse producten moest weer hersteld worden. In de jaren 1830 construeerde Rolex het eerste waterdichte uurwerk, terwijl in 1926 in Grenchen in het kanton Solothurn het eerste automatische horloge gemaakt werd. De opmerkelijke vernieuwingen op het gebied van mechanica en vervaardiging maakten het voor Zwitserland mogelijk, de eigen uurwerkproductie weer op gang te brengen. De Zwitserse uurwerkmakers waren terug en bezetten wereldwijd decennia lang de toppositie op de uurwerkmarkt.

Tekenen der tijd gemist

De grootste revolutie van de 20ste eeuw in de uurwerkindustrie ging Zwitserland echter voorbij. Hoewel het eerste kwartshorloge in het Centre Electronique Horloger (CEH – centrum voor elektronische uurwerken) in 1967 in Neuchâtel ontwikkeld werd, verzuimden de Zwitserse bedrijven om munt uit de vernieuwing te slaan. De verdere ontwikkeling liet men aan anderen over, vooral de Japanners en Amerikanen deden veel moeite, terwijl de Zwitsers hun krachten in het verder ontwikkelen en verbeteren van de mechanische uurwerken staken. Toen de ontwikkeling van de kwartshorloges de vraag naar traditionele horloges snel liet dalen, leek het, alsof voor de Zwitserse uurwerkindustrie in het midden van de jaren 70 het laatste uurtje geslagen was.

Swatch en de opbloei

Vanuit een onverwachte hoek slaagde de Zwitserse uurwerkindustrie er echter in terug te keren naar de top van de wereldmarkt: een economisch adviseur vond het horloge opnieuw uit – het horloge als modeaccessoire was geboren. Swatch, het analoge kwartshorloge, de hoge kwaliteit in combinatie met een lage prijs, werd voor het eerst in 1983 aan het publiek getoond en sindsdien een miljoen keer gekopieerd. Ongetwijfeld heeft Swatch de Zwitserse uurwerkmarkt gered en de Zwitserse uurwerkindustrie opnieuw tot bloei gebracht. 30 jaar na de crisis is de omschakeling binnen de eigen uurwerkproductie geslaagd: de uurwerkindustrie behoort opnieuw tot de florerendste economische sectoren van het land.

Watch Valley

Al meer dan een eeuw concentreert 90% van de uurwerkproductie zich in de Juraboog. Deze regio presenteert zich met een gemeenschappelijke identiteit en met een motto: Watch Valley – Het land van de precisie. Ca. 200km meet de aan het begin van de 21ste eeuw in het leven geroepen uurwerkmakerweg. De 38 etappes van dit traject vormen een eigenlijke pelgrimstocht tussen de beroemdste uurwerkfabrieken en de gespecialiseerde musea, waar diverse geheimen van de horlogefabricage geventileerd worden en enkele unieke meesterwerkjes uit de klokkenmakerskunst te bewonderen zijn. Voor elke smaak is er iets bij: horloges, slingerklokken, zakhorloges, tafelklokken of ook klokkenspellen. De horlogefabricage vormt de rode draad op deze reis, maar de traditionele, culturele regio heeft ook landschappelijk het een en ander te bieden. Paradoxaal genoeg vergeet je de tijd in dit idyllische landschap. Meren, bergen, wijnbergen en schilderachtige dorpjes nodigen je tot verpozen uit.

Werkmachines

Samen met de horlogefabricage voorziet ook de machine-industrie deze regio's van arbeidsplaatsen – zowel vroeger als tegenwoordig. Enkele van deze machineproducenten zijn toonaangevend in de productie van gespecialiseerde nicheproducten. Zo blijft het Waadtlandse stadje Vallorbe niet te evenaren in de productie van precisievijlen en Moutier in het kanton Jura is sinds 1880 beroemd om de productie van draaiautomaten met een beweegbare spilkop – een uitvinding, die de horlogefabricage gerevolutioneerd heeft.

Jukeboxen en muziekdozen

De geschiedenis van de horlogefabricage is nauw verbonden met de ontwikkeling van de mechanische muziekinstrumenten. De kennis, hoe je hoogwaardige uurwerken construeert werd overgebracht naar de grote droom der mensheid: het creëren van machines als automatische helpers. Zo begonnen bijvoorbeeld de gebroeders Jaquet-Droz en hun medewerkers in 1770 met de bouw van drie androïdes die in 1774 aan het publiek werden voorgesteld. Het succes moet ongelofelijk zijn geweest. Een tijdgenoot schrijft dat de mensen er regelrecht voettochten naartoe maakten en dat de tuinen en pleinen vol koetsen stonden. Gedurende meer dan een eeuw toerden de androïdes door Europa en konden ze tegen entreegeld bezichtigd worden. Aan het begin van 1796 presenteerde de Geneefse uurwerkmaker Antoine Favre aan de Genfer Société des Arts de muziekdoos: een nieuwe manier om een muziekautomaat te maken, die "twee melodieën speelt en de klank van de mandoline imiteert, ingebouwd in het onderste deel van een tabaksdoos van normale omvang." Favres uitvinding was gebaseerd op een roterende wals met stiften, die op dunne stalen lamellen tokkelen. De muziekdoosbedrijven ontwikkelden zich in Genève en in Vallée de Joux uit de Geneefse uurwerk- en sieradenmakerij met wat vertraging tot een zelfstandige bedrijfstak, waarbij het uiterlijk van de muziekdozen steeds belangrijker werd. Men ontwikkelde een kostbaardere behuizing; fineerbladen, intarsia en houtsnijwerk gaven de muziekdozen een voornaam karakter. In de tweede helft van de 19e eeuw bereikte de muziekdozenindustrie in Genève, in Vallée de Joux, in Sainte-Croix en in de gehele Waadtlandse Jura haar hoogtepunt. Enkele fabrikanten van muziekautomaten waren zeer snel erg succesvol en werden belangrijke werkgevers in de regio. De muziekdozen ontwikkelden zich tot een specialiteit en een exportsucces van de Zwitserse economie in de tweede helft van de 19e eeuw en vormden het image van het moderne, technisch innovatieve Zwitserland.
©F. Bertin ©F. Bertin
Bron

www.swissworld.org

Kies een andere weergave van de resultaten: