Inleiding

De gemzen – een leven als een tocht over de bergtoppen

Met een adembenemende snelheid springt de gems over het sneeuwveld en dan de bijna loodrechte rotswand omhoog. Gemzen zijn perfect voorbereid om rotsen te beklimmen. Hun krachtige voor- en achterpoten geven hen een grote sprongkracht. Hun hoeven hebben scherpe buitenkanten en een zacht binnenstuk. Daarmee hebben ze op een natte rots en op ijs een perfect houvast. Zelfs de gemzenjongen zijn op een rotsachtig terrein met indrukwekkende zekerheid in beweging. Rotsnissen zijn ook geliefde plekjes om te rusten en te herkauwen. Hier zijn ze beschermd tegen los of wolf.

Meer informatie


Latijnse benaming:Rupicapra rupicapra
Biotoop:Rotspartijen in de Alpen en in het Juragebergte, ook in bossen
Grootte:Kop-romplengte 120 - 150 cm
Gewicht:30 - 50 kg
Populatie:90.000 dieren
Winterslaap:Geen winterslaap
Geboorte:Mei/juni

Bron: Lorenz Heer: Wanderungen zu Murmeltier, Steinbock & Co. Die besten Tierbeobachtungen in der Schweiz